Tekst LKCA Onderzoeksconferentie 2014

Samenwerkend leren binnen conservatoriumonderwijs

Men zou bij conservatoriumopleidingen, als onderdeel van het hoger beroepsonderwijs, de verwachting hebben dat de didactiek van deze opleidingen zich specifiek richt op de voorbereiding op de beroepspraktijk, waarbij belangrijke beroepsmatige aspecten als zelfsturing, flexibiliteit, onafhankelijkheid, en vaardigheden op het vlak van samenwerking, creatie en reflectie veel aandacht zouden krijgen.

Curricula van conservatoria bestaan doorgaans uit een combinatie van groeps- en individuele lessen. Standaard vinden de individuele lessen plaats in het hoofdvak, en grotere en kleinere groepslessen of colleges in alle andere onderdelen van de studie. Het leren bespelen van een instrument heeft zijn wortels in het meester-gezel model, dat zich mettertijd heeft ontwikkeld tot één-op-één onderwijs, alhoewel verschillende vormen van dit model in andere dan Westerse culturen of andere periodes hebben bestaan. Al zo’n tien jaar is er onderzoek gaande naar de praktijk van het één-op-één model binnen conservatoria, waaruit blijkt dat de exclusieve toepassing van dit model als voorbereiding op de beroepspraktijk zowel positieve als negatieve effecten oplevert (cf. Gembris & Langner, 2005; Lebler, 2007; Gaunt, 2008). Negatieve effecten kunnen worden verklaard vanuit het oogpunt van de verschillende complexe vaardigheden die de beroepspraktijk vereist en die verschillende werkvormen impliceren waarin veel aandacht gaat naar samenwerking, peer-learning en reflectie; aspecten die niet voldoende aan bod komen in individuele lessen.

Met de veranderingen in de beroepspraktijk hebben de eisen die gesteld worden aan beginnende musici een verschuiving doorgemaakt van een focus op muzikaal-ambachtelijke vaardigheden naar een breder scala aan professionele vaardigheden waaronder samenwerking met andere musici en professionals. Deze veranderingen hebben grote consequenties voor de manier waarop musici worden opgeleid. Samenwerkend en ervaringsgericht leren zou een manier kunnen zijn om de ontwikkeling van samenwerkings- en andere professionele vaardigheden te ondersteunen. Nog niet veel onderzoek is gedaan naar hoe samenwerkend leren op een effectieve en efficiënte manier geïmplementeerd zou kunnen worden in muziekvakonderwijs.

Een recent, samen met een collega uitgevoerd onderzoek, naar groepslessen zang binnen zowel de klassieke als de jazz & pop afdeling van het Utrechts Conservatorium laat zien dat er tussen deze afdelingen belangrijke verschillen zijn in didactiek. Vanuit een meester-gezel traditie stamt de aanname dat de expertise van docenten bepalend is voor de ontwikkeling van muziekstudenten. Met name bij de klassieke afdeling blijkt onder meer uit studenten-enquêtes dat de focus op muzikaal-ambachtelijke vaardigheden en het streven naar meesterschap binnen een groepsles dermate groot zijn, dat de ontwikkeling van andere beroepsmatige aspecten niet aan bod komen, ondanks dat er een groepssituatie is waarin vele aspecten die minder goed in een individuele lessen passen, aandacht zouden kunnen krijgen, zoals voorbereiding op professionele samenwerkingen, het leren geven en krijgen van feedback, het reflecteren op het eigen leerproces en het zelfstandig voorbereiden van professionele situaties.

In mijn promotieonderzoek vormt het onderzoeken en ontwikkelen van samenwerkend en ervaringsgerichte leersituaties de kern, waarbij ontwerpen van learning labs professionele situaties integreren in het leerproces, waarna metingen en evaluaties worden verricht om de effecten op de professionele kwaliteiten van studenten na deelname aan deze learning labs te kunnen vaststellen.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Spam Protection by WP-SpamFree